Mr. E.H. s' Jacob

E.H. s' Jacob
bron: RKD

Negentiende-eeuws bestuurder uit een oorspronkelijk Rotterdamse notabelenfamilie, die twee perioden in de Tweede Kamer zat. Zoon van conservatief Tweede Kamerlid. In de jaren 1850 advocaat in Nederlands-Indië en na terugkeer in Nederland actief in organisaties op koloniaal gebied. Was na de ontbinding van 1866 afgevaardigde voor het district Alkmaar en vanaf 1869 zes jaar voor Amsterdam. Droeg in de Kamer vooral conservatieve opvattingen uit op koloniaal gebied. Later staatsraad in b.g.d. en zeven jaar Commissaris des Konings in Utrecht.

conservatief
functie(s) in de periode 1866-1888: lid Tweede Kamer, staatsraad in buitengewone dienst, Commissaris van de Koning(in)

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Eduard Herman

titulatuur en naam

Mr. E.H. s'Jacob Eduard Herman

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 4 augustus 1827

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 15 april 1912

levensbeschouwing

Nederlands Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

conservatief

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te Batavia, vanaf 1850
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 november 1866 tot 3 januari 1868 (voor het kiesdistrict Alkmaar)
  • lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 7 september 1869 tot 20 juni 1873
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 oktober 1869 tot 20 september 1875 (voor het kiesdistrict Amsterdam)
  • staatsraad in buitengewone dienst, Raad van State, van 1 januari 1876 tot 15 april 1912
  • lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 6 september 1881 tot 21 februari 1882
  • Commissaris des Konings in Utrecht, van 1 januari 1882 tot 1 oktober 1888 (benoemd bij K.B. van 28 november 1881; eervol ontslag op eigen verzoek)

Nevenfuncties

  • lid bestuur KITLV (Koninklijk Instituut voor de taal-, land- en volkenkunde van Nederlandsch-Indië), omstreeks 1873
  • voorzitter Raad van Commissarissen Nederlandsch-Indische Spoorweg-Maatschappij, omstreeks 1876
  • lid en voorzitter College van Curatoren Rijksuniversiteit Utrecht, van 1 oktober 1885 tot 1 oktober 1888

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1872 tot februari 1873
  • lid parlementaire enquêtecommissie Nederlandse koopvaardijvloot (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 3 maart 1874 tot 13 februari 1877

Opleiding

academische studie

  • studie, Atheneum Illustre te Amsterdam, van 1845 tot 1846
  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Leiden, van 13 november 1845 tot 16 januari 1850

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak in de Tweede Kamer vooral over koloniale zaken en verder onder andere over handel, scheepvaart, buitenlandse zaken en financiële onderwerpen
  • Stemde in 1867 vóór de begroting van Buitenlandse Zaken
  • Stemde in 1870 vóór het wetsvoorstel tot afschaffing van de doodstraf
  • Diende in 1871 met Kalff, De Bruyn Kops, Stieltjes en Tak een initiatiefvoorstel in tot het verlenen van een subsidie voor de stoomvaartdiensten Vlissingen-New York. Dit voorstel werd door de Tweede Kamer verworpen.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Hij bedankte in 1873 voor het lidmaatschap van de gemeenteraad van 's-Gravenhage, omdat het samengaan met het lidmaatschap van de Tweede Kamer moeilijkheden gaf

uit de privésfeer

  • Een zus van zijn echtgenote was gehuwd met J. Loudon, minister en Gouverneur-Generaal

verkiezingen

  • Versloeg in 1866 bij de algemene verkiezingen in het district Alkmaar de liberalen W. van der Kaay en N. Olivier
  • Werd in 1868 bij de algemene verkiezingen verslagen door J.L. de Bruyn Kops (lib.)
  • Werd in 1869 bij de periodieke verkiezing in het district Hoorn verslagen door jhr. D. van Akerlaken (lib.)
  • Versloeg in 1869 bij de periodieke verkiezingen in het district Amsterdam J. Bosscha (cons.)
  • Versloeg in 1871 bij de periodieke verkiezingen na herstemming J.P. de Bordes (lib.)
  • Werd in 1875 bij de periodieke verkiezingen in de eerste stemmingsronde verslagen, Gekozen werden de liberalen M.H. Godefroi, G. de Vries en S.A. Vening Meinesz.

woonplaats(en)/adres(sen)

  • 's-Gravenhage, Mauritskade 12, tot mei 1882
  • Utrecht, vanaf mei 1882
  • Leusden (Utr.), tot december 1904
  • 's-Gravenhage, Prinsevinkenpark 15, van december 1904 tot 15 april 1912

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 1 juli 1880
  • Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 22 juni 1886 (t.g.v. 50e lustrum Universiteit van Utrecht)

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

lid kiesvereeniging Vaderland en Koning te 's-Gravenhage

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

Ned. Patriciaat, 1943 en 1997

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Batavia (Ned.-Indië), 28 november 1855

echtgeno(o)t(e)/partner

Jkvr. C.L.E.G. de Stuers, Cornelia Lucipara Elisa Goverta

kinderen

2 zoons en 2 dochters

vader

F.B. s'Jacob, Frederik Bernard

geboorteplaats en/of -datum

Rotterdam, 15 maart 1776

moeder

M.P. Rochussen, Maria Petronella

geboorteplaats en/of -datum

Etten, 20 november 1792

broers en zusters

4 broers en 1 zus

beroep grootvader (vaderskant)

koopman te Rotterdam

familierelaties