Conservatieve antirevolutionair uit een Utrechts adellijk geslacht van landheren en regenten. Was voor hij Tweede Kamerlid werd alleen hoogheemraad, raadslid in Utrecht en Statenlid. Werd in 1888 zonder veel enthousiasme minister van Financiën in het Coalitiekabinet-Mackay. Gaf in die functie geen blijk van een grote werklust en bracht nauwelijks belangrijke financiële wetgeving tot stand. Nadien - als vrij-antirevolutionair - Eerste Kamerlid. Woonde op kasteel Maarsbergen.