'pragmatisch' liberaal, liberaal
functie(s) in de periode 1850-1892: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer
Personalia
voornamen (roepnaam)
Dirk
titulatuur en naam
Jhr.Mr. D. van Akerlaken Dirk
geboorteplaats en -datum
Hoorn, 18 december 1815
overlijdensplaats en -datum
Hoorn, 18 januari 1892
levensbeschouwing
Hervormd
Partij/stroming
stroming(en)
'pragmatisch' liberaal
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat te Hoorn, van 1838 tot 1860
- landeigenaar (in Noord-Holland en bij Alphen en Woerden)
- rechter-plaatsvervanger Arrondissementsrechtbank te Hoorn, van 1 mei 1839 tot 1 mei 1860
- lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 6 april 1841 tot 9 september 1850 (voor de landelijke stand, district Blokker)
- gemeenteontvanger van Hoorn, van 1844 tot 1 maart 1854
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 oktober 1850 tot 26 april 1853 (voor het kiesdistrict Hoorn)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juni 1853 tot 5 mei 1860 (voor het kiesdistrict Hoorn)
- president Arrondissementsrechtbank te Hoorn, van 1 mei 1860 tot 1 juni 1877
- lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 4 november 1862 tot september 1874 (voor het kiesdistrict Hoorn)
- lid gemeenteraad van Hoorn, van 13 januari 1863 tot 18 januari 1892
- dijkgraaf waterschap Drechterland, van 1 mei 1865 tot 18 januari 1892
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 september 1869 tot 21 september 1874 (voor het kiesdistrict Hoorn)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 21 september 1874 tot 11 oktober 1884 (voor Noord-Holland)
- wethouder van Hoorn, van 7 september 1881 tot 18 januari 1892
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 17 augustus 1887 (voor Noord-Holland)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 27 maart 1888 (voor Noord-Holland)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 1 mei 1888 tot 18 januari 1892 (voor Noord-Holland)
Nevenfuncties
- dijkgraaf en penningmeester Baarsdorpermeer, vanaf 1838
- molenmeester Oostermeerpolder, vanaf 1838
- tweede luitenant, schutterij te Hoorn, van 1839 tot 1841
- auditeur, rustende schutterij in Noord-Holland, van 1841 tot 1866
- commissaris over de financiële aangelegenheden en eigendommen der Hervormde gemeente te Hoorn, vanaf 1846 (nog in 1869)
- waarschap, waterschap Drechterland, van 1847 tot 1865
- hoofdingeland, waterschap Drechterland, van 1852 tot 1865
- hoogheemraad, waterschap "De Hondsbossche en Duinen tot Petten", van 1854 tot 1892
- lid curatorium Latijnse School te Hoorn, vanaf 1857
- regent Protestants Weeshuis te Hoorn, van 1857 tot 1866
- lid banbestuur polder D'Ampten, vanaf 1859 (nog in 1887)
- lid Raad van Commissarissen Spaarbank te Hoorn, vanaf 1860
- lid Commissie van Administratie over de Gevangenissen te Hoorn, vanaf 16 augustus 1862 (nog in 1890)
- hoofdingeland, waterschap West-Friesland, vanaf 1862
- lid Comité voor den Noord-Hollandsch-Frieschen Spoorwegen, vanaf 27 november 1862
- lid Militieraad, derde militiedistrict, vanaf 1863 (nog in 1873)
- lid plaatselijke commissie te Hoorn voor het Nationaal Gedenkteken voor November 1813, 1863
- lid Commissie Stadsteekenschool te Hoorn, tot 1866
- lid Commissie van toezicht op het middelbaar onderwijs te Hoorn, vanaf 1868
- correspondent Rijksadviseur voor Monumenten van Geschiedenis en Kunst, van 1874 tot 1879
- lid Commissie van toezicht op het te stichten West-Fries museum, vanaf 1879
- hoofdingeland, waterschap Westerkogge, vanaf 1886
- voorzitter molenbestuur van de Westerkogge, omstreeks 1887
- voorzitter College van Regenten over de Rijkswerkinrichting en het Huis van Bewaring te Hoorn, vanaf 1887
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van augustus 1853 tot augustus 1853
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1871 tot april 1872
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1872 tot september 1873
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1873 tot februari 1874
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van november 1875 tot december 1875
- lid Commissie van Rapporteurs over het wetsvoorstel Vaststelling van een Wetboek van Strafrecht (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 1880 tot 1881
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1880 tot januari 1881
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juni 1881 tot juli 1881
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1881 tot januari 1882
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van maart 1883 tot juni 1883
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1883 tot april 1884
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van november 1884 tot september 1885
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van november 1885 tot december 1885
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1886 tot september 1886
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1886 tot januari 1887
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1887 tot december 1887
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van maart 1888 tot mei 1888
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1888 tot april 1889
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1890 tot december 1890
Opleiding
voortgezet onderwijs
- gymnasium te Hoorn
- Latijnse school te Hoorn
academische studie
- Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 10 september 1833 tot 10 mei 1838
Activiteiten
als parlementariër
- Sprak in de Tweede Kamer regelmatig over uiteenlopende zaken op het gebied van het binnenlands bestuur, justitie, de financiën, waterstaat en onderwijs, alsmede over pensioenen en het armwezen
- In de Eerste Kamer voerde hij vooral het woord over justitiële onderwerpen, over defensie en over binnenlandse zaken
opvallend stemgedrag
- Behoorde in 1889 tot de minderheid van 16 liberalen die vóór de wijziging van de Lager-onderwijswet van het kabinet-Mackay stemde
Wetenswaardigheden
algemeen
- Volgde in 1862 in diverse functies (onder andere als Statenlid) zijn overleden vader op, maar weigerde het burgemeesterschap. Burgers van Hoorn hadden via een petitie op zijn benoeming aangedrongen.
uit de privésfeer
- studeerde onder andere bij de hoogleraren Thorbecke en Tydeman
verkiezingen
- Versloeg in 1850 in het district Hoorn onder meer A.S. van Nierop, L. Metman en E.T. Scheltinga Winterberg
- Versloeg in 1853 J. Donker Hzn. en jhr. P. Opperdoes Alewijn
- Werd in 1854 met ruim 92% van de stemmen gekozen (enige tegenkandidaat was A.S. van Nierop)
- Kreeg in 1858 bijna 90% van de stemmen (enige tegenkandidaat was J.B.S. Sutherland)
- Werd in 1869 samen met E.H. s'Jacob gekozen. Er waren geen tegenkandidaten.
- Versloeg in 1873 J. Messchert van Vollenhoven met ruime meerderheid
- Werd in 1880 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 51 van de 56 stemmen herkozen
- Werd in 1884 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 57 van de 68 stemmen herkozen
- Werd in 1887 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 56 van de 64 stemmen herkozen
- Werd in 1888 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 61 van de 70 stemmen gekozen
- Werd in 1890 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 42 van de 56 stemmen stemmen herkozen
niet-aanvaarde politieke functies
- burgemeester van Hoorn, september 1862 (geweigerd, omdat door hem aan de regering gestelde eisen niet werden ingewilligd)
woonplaats(en)/adres(sen)
Hoorn
ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 12 mei 1874
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
lid Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden
Publicaties van/over
lijst van publicaties
"De pactis licitis et illicitis in codice civili obviis" (dissertatie, 1838)
literatuur/documentatie
- Levensbericht door O.W. Star Numan in Levensberichten van leden van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde 1894/5, 403
- Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel I, 52
- H. van Felius en H.J. Metselaars, "Noordhollandse Statenleden 1840-1919"
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek
publicaties over en van letterkundigen
biografie
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
- gehuwd te Hoorn, 29 augustus 1841 (echtgenote overleden 7 augustus 1860)
- gehuwd (tweede huwelijk) te Utrecht, 8 mei 1862
echtgeno(o)t(e)/partner
Ch.J. van Bredehoff de Vicq, Christina Johanna
2e echtgeno(o)t(e)/partner
Jkvr. J.G.L. van Doorn, Johanna Godardina Laurentia
kinderen
9 kinderen (uit eerste huwelijk)
vader
Jhr.Mr. P. van Akerlaken, Pieter
geboorteplaats en/of -datum
Hoorn, 12 augustus 1792
moeder
M. van Stralen, Maria
geboorteplaats en/of -datum
Hoorn, 24 januari 1787
beroep grootvader (vaderskant)
schepen van Hoorn
familierelaties