Vandaag 70 jaar geleden, op 4 februari 1956, overleed Leendert Antonie Donker, minister van Justitie in het derde kabinet-Drees. Donker was een vooraanstaand Rotterdamse SDAP- en PvdA-politicus. Tijdens zijn ministerschap (van 2 september 1952 tot zijn overlijden) bracht Donker een reeks belangrijke wetten tot stand, waarvan enkele wezenlijke wijzigingen in het Nederlandse rechtsbestel betekenden.
Donker was advocaat en bezat als jurist veel gezag in de Tweede Kamer. Hij stond erom bekend dat hij veel van zijn ambtenaren en van zichzelf eiste en een grote werkkracht had. Donker vervulde verschillende parlementaire en bestuurlijke functies: onder meer lid van de Provinciale Staten van Zuid-Holland, lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, fractievoorzitter van de PvdA in de Tweede Kamer en minister van Justitie.
Een van de wetten die hij tot stand bracht was de Beroepswet. Deze wet legde een nieuwe regeling vast voor de organisatie en procedure van de Centrale Raad van Beroep en de raden van beroep. De wet gaf het Nederlandse administratieve recht een meer gestructureerd stelsel van rechtsbescherming tegen besluiten van sociale verzekeringsinstanties.
Bij zijn overlijden waren 21 wetsvoorstellen bij de Tweede Kamer aanhangig en 25 in voorbereiding.
Meer over: