Noord-Hollandse gedeputeerde, minister en senator. Advocaat in Amsterdam. Onafhankelijk en tolerant katholiek met veel invloed in de politiek en het maatschappelijk middenveld. Door zijn schoonfamilie Andriessen ook goed thuis in kringen van kunstenaars. Werd in december 1945 waarnemend partijvoorzitter van de nieuwgevormde KVP. Volgde in 1947 Beel op als minister van Binnenlandse Zaken en bracht onder meer een noodregeling voor de gemeentefinanciën tot stand. Na zijn ministerschap nog vijftien jaar lid van de Eerste Kamer. Onderhield jarenlang nauwe banden met de KRO.