antirevolutionair, ARP
functie(s) in de periode 1854-1893: lid Tweede Kamer, minister, secretaris-generaal
Personalia
voornamen (roepnaam)
Levinus Wilhelmus Christiaan
titulatuur en naam
Mr. L.W.Ch. Keuchenius Levinus Wilhelmus Christiaan
opmerkingen over de naam en/of titel
Zijn roepnaam was 'Willem'
geboorteplaats en -datum
Batavia (Ned.-Indië), 21 oktober 1822
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 17 december 1893
levensbeschouwing
Gereformeerd, vanaf 1886
Partij/stroming
stroming(en)
antirevolutionair
partij(en)
ARP (Anti-Revolutionaire Partij)
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat en procureur te Soerabaja (Nederlands-Indië), van 1842 tot 1844
- ambtenaar, parket procureur-generaal te Soerabaja, van 20 januari 1845 tot 16 maart 1848 (tot 1 januari 1846 buiten bezwaar van de schatkist, vervolgens commies en vanaf 1 maart 1846 hoofdcommies)
- lid Raad van Justitie te Batavia, van 16 maart 1848 tot 1 maart 1850
- advocaat-generaal Hooggerechtshof van Nederlands-Indië, van 1 maart 1850 tot 1 december 1851
- raadsheer Hooggerechtshof van Nederlands-Indië, van 1 december 1851 tot 1 oktober 1854
- secretaris-generaal ministerie van Koloniën, van 1 oktober 1854 tot 1 juni 1859
- lid Raad van Nederlandsch-Indië, van 10 juni 1859 tot 5 april 1865 (als oudste lid voorlopig met het vicevoorzitterschap belast)
- verlof in Nederland, van april 1865 tot 1868 (vanwege ziekte)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 augustus 1866 tot 1 oktober 1866 (voor het kiesdistrict Arnhem)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 november 1866 tot 3 januari 1868 (voor het kiesdistrict Arnhem)
- redacteur "Nieuw Bataviasch Handelsblad", van november 1868 tot 1879
- advocaat en procureur Hooggerechtshof van Nederlands-Indië, van 7 augustus 1869 tot september 1879
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 oktober 1879 tot 11 oktober 1884 (voor het kiesdistrict Gorinchem)
- voorzitter antirevolutionaire Kamerclub, Tweede Kamer der Staten-Generaal, van september 1883 tot september 1887
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 18 mei 1886 (voor het kiesdistrict Middelburg)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juli 1886 tot 17 augustus 1887 (voor het kiesdistrict Amersfoort)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 27 maart 1888 (voor het kiesdistrict Amersfoort)
- minister van Koloniën, van 21 april 1888 tot 24 februari 1890
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 26 maart 1890 tot 17 december 1893 (voor het kiesdistrict Goes)
Nevenfuncties
- lid (later voorzitter) College van Curatoren Vrije Universiteit te Amsterdam, van 1879 tot 17 december 1893
- lid hoofdbestuur Christelijk Nationaal onderwijs
- voorzitter Bond tegen Vaccinatiedwang, van juni 1881 tot 1893
- lid Schoolraad voor scholen met den Bijbel, van 1890 tot 17 december 1893
- diverse kerkelijke functies na aansluiting bij de doleantie
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Commissie van Rapporteurs over een onderzoek naar een door het Indische Gouvernement gesloten contract met de Billitonmaatschappij (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1882 tot februari 1883
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1884 tot mei 1885
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1885 tot februari 1886
- voorzitter Commissie van Rapporteurs voor hoofdstuk VIIb (Financiën) 1887 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1887 tot augustus 1887
- voorzitter Commissie van Rapporteurs voor hoofdstuk X (Koloniën) 1888 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1890 tot november 1890
- voorzitter Commissie van Rapporteurs voor de begroting van Nederlandsch-Indië 1891 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van januari 1891 tot april 1891
Opleiding
onderwijs buiten schoolverband
kostschool van J. Lagerwey te Geertruidenberg
academische studie
- Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 16 april 1839 tot 23 juni 1842
Activiteiten
als parlementariër
- Sprak in de Tweede Kamer vooral over Indische en Surinaamse aangelegenheden en voorts onder meer over onderwijs, justitie en kiesrecht en bij grondwetsherzieningen
- Diende op 26 september 1866 een motie in waarin afkeuring werd uitgesproken over het vertrek van minister Mijer vanwege diens benoeming tot Gouverneur-Generaal. Deze motie werd een dag later met 39 tegen 23 stemmen aanvaard. De regering ontbond kort daarna de Tweede Kamer.
- Interpelleerde in 1866 minister Heemskerk over de onderwijskwestie
- Diende in 1886 een motie van afkeuring in tegen de minister van Koloniën vanwege aankondiging van een uitbesteding van ontginning van steenkolenvelden zonder eerst de aangekondigde wetgeving af te wachten. De motie kreeg weinig steun en werd daarom ingetrokken.
opvallend stemgedrag
- Stemde in 1883 vóór de conclusie van een commissie van rapporteurs, waarin een de handelwijze van het Indische Gouvernement bij het afsluiten van een contract met de Bilitonmaatschappij werd veroordeeld. Aanneming van deze conclusie was voor minister De Brauw reden om af te treden.
- Stemde in 1884 in de Verenigde Vergadering tegen het voorstel om Emma aan te wijzen als regentes. Hij vond dat de moeder (Emma) geen trouw kon zweren aan de dochter (Wilhelmina).
- Stemde in 1886 tegen het voorstel om een parlementaire enquête te houden naar de toestanden in fabrieken en werkplaatsen
- Stemde in 1887 bij de grondwetsherziening met vier andere antirevolutionairen vóór een (verworpen) amendement-Van Houten/De Ruiter Zijlker om in de Grondwet op te nemen dat de regeling van het kiesrecht aan de gewone wetgever zou worden overgelaten
- Behoorde in 1891 tot de minderheid van de anti-revolutionairen die tegen een motie-Rutgers van Rozenburg stemde waarin werd ingestemd met het beginsel van de persoonlijke dienstplicht
- Behoorde in 1891 tot de 14 leden die voor een (verworpen) voorstel-Van der Feltz stemden om de behandeling van de ontwerp-Krijgswet voort te zetten en daarmee door te gaan tot de verkiezingen
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- Benoemde in 1888 C. Pijnacker Hordijk tot Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië
- Was voorstander van een actievere rol van het Indische Gouvernement ter ondersteuning van de zending in Nederlands-Indië
Wetenswaardigheden
algemeen
- Werd in 1879 in het district Gorinchem gekozen, hoewel hij nog in Nederlands-Indië verbleef. Pas na zijn verkiezingen reisde hij af naar Nederland.
- Betoogde in 1886 bij de grondwetsherziening dat de Tweede Kamer tot die herziening onbevoegd was, omdat zij minder leden telde dan volgens de Grondwet verplicht was. Een motie hierover werd met 64 tegen 5 stemmen verworpen. Stemde vervolgens in 1887 tegen alle herzieningsvoorstellen.
- Trad af nadat de Eerste Kamer op 31 januari 1890 met 20 tegen 19 stemmen zijn begroting had verworpen. Hem werd door de liberalen verweten te veel in te grijpen in godsdienstige aangelegenheden en zijn persoonlijke overtuiging op godsdienstig gebied te zeer op te dringen aan de inlanders.
uit de privésfeer
- Had een verminkt gelaat, waardoor zijn spreekvermogen bemoeilijkt werd. Over de oorzaak zijn twee lezingen. Volgens de eerste werd hij in 1853 te Aken door een beroerte getroffen. Een tweede lezing is dat hij Java zou zijn vergiftigd.
anekdotes en citaten
- Zat steevast van het begin en tot het einde op zijn plek in de vergaderzaal
- De Savornin Lohman gaf in de formatie van 1888 de voorkeur aan Keuchenius als minister van Koloniën wegens zijn zakenkennis en het feit, dat hij lastig en onaangenaam was als hij in de oppositie was.
verkiezingen
- Was tussen 1864 en 1891 ruim 60 keer Tweede Kamerkandidaat in diverse districten
- Versloeg in 1866 bij een tussentijdse verkiezing in het district Arnhem jhr. W.Th. Gevers Deynoot (lib.)
- Versloeg in 1866 bij de algemene verkiezingen onder anderen L.A.J.W. baron Sloet van de Beele. Werd in het district Dordrecht met gering verschil verslagen.
- Was in 1868 bij de algemene verkiezingen geen kandidaat
- Werd in 1871 in het district Dokkum verslagen door W.A. Bergsma (lib.). Kreeg bijna 25 procent van de stemmen.
- Werd in 1873 in het district Dokkum na herstemming verslagen door B.Ph. baron van Harinxma thoe Slooten (lib.)
- Werd in 1873 in het district Sneek verslagen door de liberalen W.H. Idzerda en S. Wybenga
- Werd in 1879 in het district Dordrecht na herstemming verslagen door J.B. van Osenbruggen (lib.)
- Versloeg in 1879 in het district Gorinchem jhr. G.J.G. Klerck (lib.). Versloeg Klerck eveneens bij de periodieke verkiezingen in 1883.
- Werd in 1884 in de districten Middelburg en Gorinchem gekozen en nam zitting voor Middelburg. Versloeg in het district Middelburg D. van Eck (lib.) na herstemming en in Gorinchem de liberalen J.J. van Tienhoven van de Boogaard.en C.A. Jeekel.
- Werd in 1886 in het district Middelburg verslagen door de liberalen J.P.I. Buteux en A. Smit
- Versloeg in 1886 bij een naverkiezing in het district Amersfoort J.E. Huydecoper (lib.) en R.J. graaf Schimmelpenninck van Nijenhuis (cons.)
- Versloeg in 1887 de liberalen jhr. J.E. Huydecoper en F.A.R.A. baron van Ittersum
- Versloeg in 1888 in het kiesdistrict Ede C.J.E. graaf van Bylandt (o.l.)
- Versloeg in 1890 bij tussentijdse verkiezing en in 1891 bij de periodieke verkiezingen in het district Goes J.H.C. Heijse (lib.)
woonplaats(en)/adres(sen)
- Nederlands-Indië, tot 1854
- 's-Gravenhage, van 1854 tot 1867
- Nederlands-Indië, van 4 juli 1867 tot oktober 1879
- 's-Gravenhage, vanaf 1879
ridderorden
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, mei 1855
- Commandeur in de Orde van de Eikenkroon
relevante buitenlandse reizen
Nederland, België, Duitsland, Frankrijk en Engeland (na zijn studie)
Publicaties van/over
literatuur/documentatie
- Castoretpollux, "In de Tweede Kamer. Portretten" (1881)
- F. Netscher, "In en om de Tweede Kamer. Parlementaire portretten en schetsen" (1889)
- Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel I, 1246
- G. Groen van Prinsterer, "Mr. Keuchenius en zijne wederpartijders in 1869: een karakterstudie" (Amsterdam, 1869)
- A. Kuyper, "Mr. Levinus Wilhelmus Christiaan Keuchenius" (Haarlem, 1895)
- R. Reinsma, "Keuchenius als tegenhanger van Fransen van de Putte", in: Tijdschrift voor Geschiedenis 74 (1961) 194-202
- G.J. Schutte, "Keuchenius als minister van Koloniën", in: Th.B.F.M. Brinkel e.a. (red.) "Het kabinet-Mackay" (Baarn 1990)
- F.L. Rutgers, "Levensbericht van mr. L.W.C. Keuchenius", in: Handelingen van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde (Haarlem 1894-1895) 243
- Ned. Patriciaat, 1960
publicaties over en van letterkundigen
biografie
archivalia
collectie-Keuchenius, Historisch Documentatiecentrum Ned. Protestantisme
archivalia via site Nationaal Archief
vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Batavia, 13 oktober 1847
echtgeno(o)t(e)/partner
H.A. Hoogeveen, Hermina Alexandrina
kinderen
2 dochters en 1 zoon
vader
G.A. Keuchenius, Guillaume Adrien
geboorteplaats en/of -datum
Schiedam, 29 april 1796
beroep vader
resident van Rembang (Java)
moeder
M.Ch. de Man, Maria Christina
geboorteplaats en/of -datum
's-Gravenhage, 6 mei 1798
beroep grootvader (vaderskant)
stadsdokter en schepen van Schiedam