Van de Gelderse Veluwe afkomstige baron, die lange tijd diplomatieke functies bekleedde en in 1853 Eerste Kamerlid werd. In de Eerste Kamer gekozen als pleitbezorger van een behoudende politiek; voerde in zijn negenjarige senaatsperiode echter nauwelijks het woord. Zoon van de burgemeester van Wageningen, die tijdens de Republiek bestuurlijke functies vervulde, en vader van Kamerlid en minister W. van Goltstein.
conservatief
functie(s) in de periode 1853-1862: lid Eerste Kamer
Mr. H.R.W. baron van Goltstein van Oldenaller Hendrik Rudolph Willem
geboorteplaats en -datum
Arnhem, 10 maart 1790
overlijdensplaats en -datum
Putten, 24 oktober 1868
levensbeschouwing
Nederlands Hervormd
Partij/stroming
stroming(en)
conservatief
Hoofdfuncties/beroepen
ambtenaar sous-prefecteur, arrondissement Zutphen, van 1811 tot 1814
secretaris legatie te Berlijn (Pruisen), van 1814 tot 1817
secretaris legatie te Turijn (Piemonte-Sardinië), van 1817 tot 1826
zaakgelastigde te Turijn, van 1826 tot 1829
minister-resident bij de Hanzesteden te Hamburg, van 1829 tot 1 juni 1842 (gezantschap opgeheven en verenigd met dat in Hannover)
landeigenaar te Putten
lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1853 tot 15 september 1862 (voor Gelderland)
opperceremoniemeester des Konings, van 11 juli 1854 tot 29 juli 1860
opperjagermeester des Konings, van 29 juni 1860 tot 24 oktober 1868
Nevenfuncties
kamerheer honorair, vanaf 12 februari 1820
dijkgraaf Arkenheemse polder, vanaf 1853
Opleiding
academische studie
Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Utrecht, van 8 juli 1807 tot 12 september 1810
Activiteiten
als parlementariër
Heeft in de Eerste Kamer eenmaal het woord gevoerd: bij de beraadslagingen over het adres van antwoord op de troonrede
Behoorde in 1859 tot de 16 leden die vóór een (verworpen) wetsvoorstel stemden over herziening van het tarief voor in- en uitvoerrechten
Behoorde in 1860 tot de 20 leden die tegen de (verworpen) ontwerp-wet over aanleg en exploitatie van de Noorder- en Zuiderspoorwegen stemden
Wetenswaardigheden
uit de privésfeer
Zijn vader was burgemeester van Wageningen, bewindhebber van de V.O.C., gecommitteerde in de Raad van State en in de Generaliteitsrekenkamer
verkiezingen
Versloeg in 1853 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 27 tegen 24 stemmen G.L.C.H. graaf van Ranzow
niet-aanvaarde politieke functies
minister van Buitenlandse Zaken (meermalen aangeboden in 1843)
woonplaats(en)/adres(sen)
Putten, Huize Oldenaller
ridderorden
Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 8 oktober 1842