liberaal
functie(s) in de periode 1881-1912: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer
Personalia
voornamen (roepnaam)
Herman Jacob
titulatuur en naam
Mr. H.J. Kist Herman Jacob
geboorteplaats en -datum
Leiden, 25 december 1836
overlijdensplaats en -datum
Laren (N.H.), 2 juni 1912
levensbeschouwing
Remonstrants
Partij/stroming
stroming(en)
liberaal
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat te Leiden, van 1861 tot 1863
- substituut-officier van justitie, rechtbank arrondissement Tiel, van 1 augustus 1863 tot 1 augustus 1868
- substituut-officier van justitie, rechtbank arrondissement Amsterdam, van 1 augustus 1868 tot 1 februari 1875
- lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 3 juli 1871 tot november 1891 (voor het kiesdistrict Amsterdam)
- advocaat-generaal Gerechtshof te Amsterdam, van 1 februari 1875 tot 1 juli 1877
- procureur-generaal Gerechtshof te Amsterdam, van 1 juli 1877 tot 1 januari 1904
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1881 tot 11 oktober 1884 (voor het kiesdistrict Amsterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 18 mei 1886 (voor het kiesdistrict Amsterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juli 1886 tot 17 augustus 1887 (voor het kiesdistrict Amsterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 27 maart 1888 (voor het kiesdistrict Amsterdam)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 30 november 1891 tot 23 juli 1904 (voor Noord-Holland)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 20 september 1904 tot 2 juni 1912 (voor Noord-Holland)
Nevenfuncties
- lid hoofdbestuur Maatschappij tot Nut van 't Algemeen (gedurende vele jaren)
- voorzitter commissie tot het beramen van maatregelen ter verbetering van het politiewezen te Amsterdam, tot 16 november 1901
- lid ereraad inzake de zogenaamde lintjesaffaire, van januari 1910 tot juli 1910
afgeleide functies, presidia etc.
- voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 21 september 1892 tot september 1893
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1899 tot april 1900
- voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 17 september 1902 tot september 1903
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1903 tot april 1904
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1908 tot maart 1909
Opleiding
academische studie
- Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 8 mei 1855 tot 7 februari 1861
Activiteiten
als parlementariër
- Sprak in de Tweede en Eerste Kamer vrijwel uitsluitend over justitiële onderwerpen. Had een belangrijk aandeel in de behandeling van het nieuwe Wetboek van Strafrecht.
opvallend stemgedrag
- Behoorde in 1895 tot de drie liberalen die tegen de ontwerp-Wet op het faillissement en de surcéance van betaling stemden
- In 1897 stemden hij en Bultman als enige liberalen tegen de ontwerp-Successiewet
- In 1901 stemden Nijsingh en hij als enige liberalen tegen het wetsvoorstel inzake herziening van het strafrecht voor jeugdigen
- Stemde in 1901 tegen de ontwerp-Woningwet
- Behoorde in 1903 tot de tien liberalen die tegen het wetsontwerp opsporing van delfstoffen van staatswege stemden
- Behoorde in 1911 tot de vier liberalen die tegen een wijziging van de Arbeidswet stemden
Wetenswaardigheden
uit de privésfeer
- Zijn oudste broer, Joost Gerard, was president van de Hoge Raad
- Zijn oudste zoon was hoogleraar brugbouw en ijzerconstructies in Delft, zijn jongste zoon was griffier van de Hoge Raad
- Zijn vader was hoogleraar kerkgeschiedenis en godgeleerdheid te Leiden
verkiezingen
- Werd in 1881 bij de periodieke verkiezingen in het district Amsterdam in de eerste stemmingsronde gekozen
- Werd in 1884, 1886 en 1887 bij de algemene verkiezingen in de eerste stemmingsronde gekozen
- Was in 1888 geen kandidaat meer
- Werd in 1891 bij een tussentijdse verkiezing van een Eerste Kamerlid in Provinciale Staten van Noord-Holland in de tweede stemmingsronde met 33 van de 64 stemmen gekozen
- Werd in 1896 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 50 van de 59 stemmen herkozen
- Werd in 1904 bij de Eerste Kamerverkiezingen na de ontbinding in Provinciale Staten van Noord-Holland met 48 van de 69 stemmen herkozen
- Versloeg in 1907 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 37 tegen 21 stemmen L.M. Bonnike (r.k.)
woonplaats(en)/adres(sen)
- Amsterdam
- Laren (N.H.), omstreeks 1900
ridderorden
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 10 mei 1889
- Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, november 1901 (einde voorzitterschap commissie)
Publicaties van/over
lijst van publicaties
"Over de verbindtenissen die uit onrechtmatige daad ontstaan volgens artt. 1401 en 1402 B.W." (dissertatie, 1861)
literatuur/documentatie
- Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel V, 299
- H. van Felius en H.J. Metselaars, "Noordhollandse Statenleden 1840-1919"
- "N.R.C.", 4 juni 1912
- Ned. Patriciaat, 1980
- Wie is dat? 1901
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Tiel, 8 juni 1866
echtgeno(o)t(e)/partner
C.S. Wesseling, Cornelia Susanna
kinderen
3 zoons (en 1 jong-gestorven zoontje)
vader
Dr. N.Ch. Kist, Nicolaas Christiaan
geboorteplaats en/of -datum
Zaltbommel, 11 april 1793
beroep vader
moeder
C.W. Dijckmeester, Catharina Wilhelmina
geboorteplaats en/of -datum
Tiel, 4 maart 1800
broers en zusters
4 broers en 3 zussen
beroep grootvader (vaderskant)
predikant
familierelaties