liberaal
functie(s) in de periode 1872-1873: minister
Personalia
voornamen (roepnaam)
Menno David
titulatuur en naam
M.D. graaf van Limburg Stirum Menno David
geboorteplaats en -datum
Wexford (Ierl.), 30 november 1807
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 22 juli 1891
levensbeschouwing
Nederlands Hervormd
Hoofdfuncties/beroepen
- tweede luitenant bij het korps Ingenieurs, Mineurs en Sappeurs, van 12 maart 1822 tot 19 maart 1831
- eerste luitenant bij het korps Ingenieurs, Mineurs en Sappeurs, vanaf 20 maart 1831
- secretaris commissie van inspectie over het onderwijs, Koninklijke Academie te Breda, van 1840 tot 1843
- kapitein-ingenieur, respectievelijk majoor-ingenieur bureau der Genie, ministerie van Oorlog, van 1843 tot 1864
- inspecteur tweede inspectie van fortificatiën te Dordrecht, van april 1864 tot november 1867
- commandant, eerste stelling der genie te Utrecht, van november 1867 tot 1868
- commandant, tweede stelling der genie te 's-Hertogenbosch, van 1868 tot 1 juli 1868
- commandant Utrechtse Linie, Nieuwe Hollandsche Waterlinie, van 1870 tot 1871 (tijdens Frans-Duitse Oorlog)
- minister van Oorlog, van 6 juli 1872 tot 15 september 1873
- lid Grote Staf van het leger, van 1873 tot 1 januari 1874
- gepensioneerd, van 1 januari 1874 tot 22 juli 1891
officiersrangen
- tweede luitenant der genie, van 15 mei 1822 tot 1 april 1831
- eerste luitenant der genie, van 1 april 1831 tot 2 mei 1842
- kapitein der genie, van 2 mei 1842 tot 1 maart 1859
- majoor der genie, van 1 maart 1859 tot 15 juni 1861
- luitenant-kolonel der genie, van 15 juni 1861 tot 15 januari 1864
- kolonel der genie, van 15 januari 1864 tot 15 november 1867
- generaal-majoor, van 15 november 1867 tot 1 juli 1868 (op eigen verzoek op non-actief gesteld)
- generaal-majoor in werkelijke dienst, van 1870 tot 1871 (tijdens mobilisatie van het leger)
- luitenant-generaal der genie b.d., vanaf 1 januari 1874
Nevenfuncties
- adjudant in buitengewone dienst van koning Willem III, vanaf 10 mei 1849
- kamerheer in buitengewone dienst, van 16 juni 1857 tot 22 juli 1891
- voorziter Anti-dienstvervangingsbond, van augustus 1875 tot 1883
- voorzitter Vereeniging "De Sphinx" te 's-Gravenhage
Opleiding
hoger beroepsonderwijs
- officiersopleiding Artillerie- en Genieschool te Delft, van 20 oktober 1821 tot 1822 (cadet-page)
Activiteiten
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- Verhoogde de begroting van het ministerie van Oorlog met enkele miljoenen om de Utrechtse linie te kunnen versterken
- Diende in 1873 samen met de ministers Geertsema en Brocx een ontwerp-Militiewet in, waarvan persoonlijke dienstplicht uitgangspunt was. Dienstplichtigen zouden worden vrijgelaten in de keuze van garnizoen en korps en studerenden zouden geen deel uitmaken van het blijvend gedeelte van het leger. Vroeg ontslag, nadat de Tweede Kamer op 30 juni 1873 artikel 1 van wetsvoorstel met 43 tegen 25 stemmen had verworpen.
- Voerde in 1873, in samenwerking met chef staf generaal Booms, de nieuwe legerorganisatie in. Er kwamen 4 divisiecommandanten, die tevens bevelhebber werden van de 4 regionale militaire afdelingen. De vaste verdedigingslinies kregen hierdoor in vredestijd een eigen bevelhebber.
Wetenswaardigheden
algemeen
- Tijdens de behandeling van de ontwerp-Militiewet in juni 1873 verweet Tweede Kamerlid De Roo van Alderwerelt hem dat hij diens goede naam had geschaad door een persoonlijke brief te openbaren. De Roo weigerde daarna nog met hem te debatteren. Het conflict werd opgelost na bemiddeling door jhr. C.M. Storm van 's-Gravesande.
- Was in 1875 oprichter van de Anti-dienstvervangingsbond
uit de privésfeer
- Bij de strijd om de citadel van Antwerpen werd op 6 december 1832 zijn rechtervoet door een bomscherf verbrijzeld, waarna zijn onderbeen moest worden geamputeerd
- Door overgrootmoeder Th.A. baronesse van Coehoorn stamde hij af van de beroemde vestingbouwkundige Menno van Coehoorn
- Zijn vader was luitenant-generaal in Engelse en Nederlandse dienst en secretaris van de Prins van Oranje (1813). Keerde in 1813 met de Prins terug uit Engeland, maar vestigde zich pas in 1821 definitief in Nederland.
- Zijn oudste broer was gehuwd met een dochter van A.G. Camper, Tweede Kamerlid, zijn jongere broer was gehuwd met een dochter van W.H.A.C. baron van Heeckeren van Kell, Tweede Kamerlid
woonplaats(en)/adres(sen)
- Wexford (Ierl.), vanaf 30 november 1807
- 's-Gravenhage
ridderorden
- Ridder vierde klasse Militaire Willemsorde, 31 mei 1833
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 8 oktober 1842
- Grootkruis Orde van de Eikenkroon, 8 september 1871
overige onderscheidingen en prijzen
- Metalen Kruis, 5 april 1832
- citadel-medaille, 31 mei 1833
Publicaties van/over
lijst van publicaties
"De uitvoering der vestingwet en het korps der genie" (brochure, 1874)
literatuur/documentatie
- F. de Bas, "Menno David, Graaf van Limburg Stirum, oud-minister van Oorlog, oprichter van den anti-dienstvervangingbond herdacht", ('s-Gravenhage, 1891)
- J.A. van der Stok, "Een zeldzaam Nederlander: Levensbeschrijving van Zijne Excellentie Menno David graaf van Limburg Stirum" ('s-Gravenhage, 1892)
- Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel III, 1203
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek
archivalia via site Nationaal Archief
vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te 's-Gravenhage, 24 april 1879
echtgeno(o)t(e)/partner
M.H. Heemskerk, Maria Hermina
kinderen
kinderloos
vader
F.W. graaf van Limburg Stirum, Frederik Willem
geboorteplaats en/of -datum
Deventer, 7 december 1774
beroep vader
officier
moeder
E. Richards van Rathaspeck, Elisabeth
geboorteplaats en/of -datum
Wexford (Ierland), 12 juli 1778
beroep grootvader (vaderskant)
officier in Statendienst
familierelaties