Gelderse edelman, die op jonge leeftijd bij de marine kwam en daar zijn opleiding kreeg bij de vlootvoogd Van Kinsbergen. Vocht onder meer mee tegen de Marokkaanse zeerovers en was later commandant van diverse eskaders. Tijdens de Republiek voorstander van modernisering van de marine. Onder koning Lodewijk was hij voorzitter van het Wetgevend Lichaam. De soeverein vorst, met wie hij overigens een slechte verhouding had, benoemde hem in 1814 tot lid van de Raad van State en verleende hem de titel graaf. Aan zijn lidmaatschap van de Raad van State kwam echter spoedig een einde.