ARP
functie(s) in de periode 1946-1963: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer
Personalia
voornamen (roepnaam)
Arend Willem
titulatuur en naam
A.W. Biewenga Wzn. Arend Willem (Arend)
opmerkingen over de naam en/of titel
Wzn. staat voor Willemszoon
geboorteplaats en -datum
Garsthuizen (gem. Stedum), 28 april 1903
overlijdensplaats en -datum
Groningen, 11 juli 1971
begraafplaats en -datum
Garsthuizen, 15 juli 1971
levensbeschouwing
- Gereformeerd
- Gereformeerd (Vrijgemaakt), vanaf 1944
Partij/stroming
partij(en)
ARP (Anti-Revolutionaire Partij)
Hoofdfuncties/beroepen
- landbouwer te Uithuizermeeden, van 1923 tot 1929
- lid gemeenteraad van Uithuizermeeden, van 6 september 1927 tot 15 augustus 1929
- landbouwer te Garsthuizen (51 ha.), vanaf 1929
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 7 november 1946 tot 27 juli 1948
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 27 juli 1948 tot 5 juni 1963
- lid Gedeputeerde Staten (onder meer belast met landbouw, nutsbedrijven en toezicht gemeentelijke financiën) van Groningen, van 6 juli 1954 tot 2 juni 1958
- lid Provinciale Staten van Groningen, van 6 juli 1954 tot 3 juni 1970
- voorzitter Landbouwschap, van 16 mei 1960 tot 1 juni 1966
- lid Gedeputeerde Staten (onder meer belast met landbouw, financiën, toezicht gemeentelijke financiën) van Groningen, van 1 juni 1966 tot 1 november 1969
Partijpolitieke functies
overzicht
- lid bestuur ARP kiesvereniging Stedum, van 1946 tot 1954
- lid bestuur ARP Kamerkring Groningen, van 1946 tot 1956
- fractievoorzitter ARP Provinciale Staten van Groningen, van juni 1958 tot mei 1966
Nevenfuncties
- voorzitter CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond), afdeling Loppersum, vanaf december 1931
- vicevoorzitter Coöperatieve Dorsvereniging Eppenhuizen en Omstreken, van 1933 tot 1935
- vicevoorzitter Coöperatieve Dorsvereniging Garsthuizen en Omstreken, van 1933 tot 1935
- secretaris Coöperatieve Landbouwvereniging te Garsthuizen, tot 1934
- voorzitter CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond) in Groningen, van 1940 tot 1 maart 1954
- lid dagelijks bestuur CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond), van 1940 tot 1 maart 1954
- lid Nationale Advies Commissie (adviescollege voor de samenstelling van de Voorlopige Staten-Generaal), van 20 juli 1945 tot 16 november 1945
- lid Centrale Commissie van Bijstand en advies voor de directeur-generaal van het Rijksarbeidsbureau, omstreeks 1946
- lid Centrale Adviescommissie voor de prijspolitiek, omstreeks 1946
- plaatsvervangend lid SER (Sociaal-Economische Raad), van 1951 tot 1954
- lid bestuur SVr (Sociale Verzekeringsraad), van 1952 tot 1954
- voorzitter commissie gevolgen voor de visserij van indijking van de Lauwerszee, vanaf 1 oktober 1956
- voorzitter commissie watervoorziening, provincie Groningen, vanaf oktober 1956
- lid Zuiderzeeraad, omstreeks 1956 en nog in 1961
- lid bestuur Stichting van de Arbeid
- lid bestuur Coöperatie aan- en verkoopvereniging voor de landbouw, "CEBECO" te Rotterdam
- lid Raad van Commissarissen N.V. Grontmij te De Bilt
- lid bestuur Hoofdbedrijfschap voor Akkerbouwprodukten
- lid Raad van Commissarissen busonderneming N.V. "Gado"
afgeleide functies, presidia etc.
- voorzitter vaste commissie voor Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 16 november 1956 tot 20 september 1960
- voorzitter bijzondere commissie voor de ontwerp-Bestrijdingsmiddelenwet (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1960 tot maart 1962
- voorzitter bijzondere commissie voor het wetsontwerp wijziging Zuiderzeesteunwet (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1960 tot november 1961
comités van aanbeveling, erefuncties etc.
- erevoorzitter Vereniging Groninger Christelijke Boeren- en Tuindersbond
- erevoorzitter CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond), vanaf 22 februari 1954
Opleiding
voortgezet onderwijs
- Christelijke MULO-school te Zijldijk
- Christelijke MULO-school te Groningen, van 1918 tot 1919
- Middelbare Landbouwschool te Groningen, van 1919 tot 1921
cursussen
- volgde voordrachten van de Vereniging voor hoger landbouwonderwijs Groningen
Activiteiten
als parlementariër
- Was landbouw-woordvoerder van de ARP-Tweede Kamerfractie. Hield zich verder bezig met volkshuisvesting, sociale zaken en waterstaatszaken.
- Was in 1957 één van de woordvoerders van zijn fractie bij de behandeling van de ontwerp-Deltawet
- Een door hem in 1958 ingediend (en aangenomen) amendement op het wetsvoorstel wijziging van de Wet vervreemding landbouwgronden, leidde ertoe dat de werkingsduur van de wet beperkt werd tot 1 januari 1963. Aanneming van dit amendement, dat inging tegen de door de regering voorgestane blijvende prijsbeheersing van landbouwgronden, droeg sterk bij aan toenemende spanning in de coalitie.
- Interpelleerde op 27 februari 1958 de ministers Suurhoff, Witte en Zijlstra over de stijgende werkloosheid
- Was in 1960 woordvoerder bij het debat over het wetsvoorstel tot goedkeuring van het Benelux-verdrag
- Voerde in 1961 het woord bij de behandeling van de ontwerp-Wet op de ruimtelijke ordening
opvallend stemgedrag
- Behoorde in 1946 tot de minderheid van zijn fractie die vóór een wijziging van de Gemeentewet over een vereenvoudiging van de grenswijzigingsprocedure stemde
- Behoorde in 1953 tot de minderheid van zijn fractie die vóór het wetsvoorstel regeling toezicht op verkoop landbouwgronden stemde
- In 1962 stemden hij en Meulink als enigen van hun fractie tegen een motie-Beernink waarin om verhoging van de kiesdrempel werd gevraagd
Wetenswaardigheden
algemeen
- Was tijdens de eerste formatiepoging van De Quay in 1959 kandidaat-minister van Landbouw en Visserij, maar trok zich samen met Hazenbosch (ARP-kandidaat voor Sociale Zaken) op het laatste moment terug, omdat in zijn eigen partij onrust was ontstaan over het passeren van lijsttrekker en minister Jelle Zijlstra.
- Verwierf bij de verkiezingen van 1948 opmerkelijk veel voorkeursstemmen in het hele land
- Was begin jaren zestig mikpunt van acties van boeren, die ageerden tegen de verplichte bijdrage aan het Landbouwschap. Zijn huis in Helpman moest door een cordon van agenten worden beschermd.
- Legde na de verkiezingen van 1963 zijn Kamerlidmaatschap neer vanwege zijn werkzaamheden als voorzitter van het Landbouwschap
- Nam in 1969 op doktersadvies ontslag als gedeputeerde
uit de privésfeer
- Was in Groningen actief in het verzet
- Zijn vader was gemeenteraadslid in Bierum
- Zijn schoonvader was wethouder van Bedum
verkiezingen
- Was in 1946 al Tweede Kamerkandidaat
- In 1946 Eerste Kamerkandidaat in Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe
niet-aanvaarde politieke functies
- lid Eerste Kamer, juli 1948 (wegens verkiezing tot Tweede Kamerlid)
woonplaats(en)/adres(sen)
- Gasthuizen, "Voorwerk", omstreeks 1946 tot 1960
- Groningen, Quintuslaan 20, vanaf 1960
- Groningen, Goeman Borgesiuslaan 159, omstreeks 1969
ridderorden
- Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 22 februari 1954
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 29 april 1957
Publicaties van/over
literatuur/documentatie
Wie is dat? 1956
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Wehe (gem. Leens), 1 augustus 1929
echtgeno(o)t(e)/partner
M.P. Dijksterhuis, Martje Petronella
kinderen
6 zoons en 5 dochters
vader
W. Biewenga, Willem
geboorteplaats en/of -datum
't Zandt (Gr.), 10 december 1861
beroep vader
landbouwer
moeder
C. Oosterhuis, Cornelia
geboorteplaats en/of -datum
Uithuizermeeden, 4 april 1870
beroep grootvader (vaderskant)
landbouwer
beroep grootvader (moederskant)
landbouwer