A.W. (Arend) Biewenga Wzn.

A.W. Biewenga
bron: IISG

Gereformeerde Groningse 'dikke boer' die zijn hele leven de antirevolutionairen heeft vertegenwoordigd in gemeenten, provincie en parlement. Kreeg al op jonge leeftijd het beheer over het ouderlijke landbouwbedrijf en werd als 23-jarige raadslid. Voorzitter van de Groningse Christelijke landbouwbond. Als Kamerlid woordvoerder landbouw, sociale zaken, waterstaat en volkshuisvesting. Combineerde het Kamerlidmaatschap met het lidmaatschap van GS in Groningen. Was in 1959 bij eerste poging van De Quay een kabinet te vormen bijna minister van Landbouw geworden. Begin jaren zestig voorzitter van het Landbouwschap. Bekwaam politicus en organisatieman, die de belangen van de grote boeren nooit uit het oog verloor.

ARP
functie(s) in de periode 1946-1963: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Arend Willem

titulatuur en naam

A.W. Biewenga Wzn. Arend Willem (Arend)

opmerkingen over de naam en/of titel

Wzn. staat voor Willemszoon

geboorteplaats en -datum

Garsthuizen (gem. Stedum), 28 april 1903

overlijdensplaats en -datum

Groningen, 11 juli 1971

begraafplaats en -datum

Garsthuizen, 15 juli 1971

levensbeschouwing

  • Gereformeerd
  • Gereformeerd (Vrijgemaakt), vanaf 1944

Partij/stroming

partij(en)

ARP (Anti-Revolutionaire Partij)

Hoofdfuncties/beroepen

  • landbouwer te Uithuizermeeden, van 1923 tot 1929
  • lid gemeenteraad van Uithuizermeeden, van 6 september 1927 tot 15 augustus 1929
  • landbouwer te Garsthuizen (51 ha.), vanaf 1929
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 7 november 1946 tot 27 juli 1948
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 27 juli 1948 tot 5 juni 1963
  • lid Gedeputeerde Staten (onder meer belast met landbouw, nutsbedrijven en toezicht gemeentelijke financiën) van Groningen, van 6 juli 1954 tot 2 juni 1958
  • lid Provinciale Staten van Groningen, van 6 juli 1954 tot 3 juni 1970
  • voorzitter Landbouwschap, van 16 mei 1960 tot 1 juni 1966
  • lid Gedeputeerde Staten (onder meer belast met landbouw, financiën, toezicht gemeentelijke financiën) van Groningen, van 1 juni 1966 tot 1 november 1969

Partijpolitieke functies

overzicht

  • lid bestuur ARP kiesvereniging Stedum, van 1946 tot 1954
  • lid bestuur ARP Kamerkring Groningen, van 1946 tot 1956
  • fractievoorzitter ARP Provinciale Staten van Groningen, van juni 1958 tot mei 1966

Nevenfuncties

  • voorzitter CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond), afdeling Loppersum, vanaf december 1931
  • vicevoorzitter Coöperatieve Dorsvereniging Eppenhuizen en Omstreken, van 1933 tot 1935
  • vicevoorzitter Coöperatieve Dorsvereniging Garsthuizen en Omstreken, van 1933 tot 1935
  • secretaris Coöperatieve Landbouwvereniging te Garsthuizen, tot 1934
  • voorzitter CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond) in Groningen, van 1940 tot 1 maart 1954
  • lid dagelijks bestuur CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond), van 1940 tot 1 maart 1954
  • lid Nationale Advies Commissie (adviescollege voor de samenstelling van de Voorlopige Staten-Generaal), van 20 juli 1945 tot 16 november 1945
  • lid Centrale Commissie van Bijstand en advies voor de directeur-generaal van het Rijksarbeidsbureau, omstreeks 1946
  • lid Centrale Adviescommissie voor de prijspolitiek, omstreeks 1946
  • plaatsvervangend lid SER (Sociaal-Economische Raad), van 1951 tot 1954
  • lid bestuur SVr (Sociale Verzekeringsraad), van 1952 tot 1954
  • voorzitter commissie gevolgen voor de visserij van indijking van de Lauwerszee, vanaf 1 oktober 1956
  • voorzitter commissie watervoorziening, provincie Groningen, vanaf oktober 1956
  • lid Zuiderzeeraad, omstreeks 1956 en nog in 1961
  • lid bestuur Stichting van de Arbeid
  • lid bestuur Coöperatie aan- en verkoopvereniging voor de landbouw, "CEBECO" te Rotterdam
  • lid Raad van Commissarissen N.V. Grontmij te De Bilt
  • lid bestuur Hoofdbedrijfschap voor Akkerbouwprodukten
  • lid Raad van Commissarissen busonderneming N.V. "Gado"

afgeleide functies, presidia etc.

  • voorzitter vaste commissie voor Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 16 november 1956 tot 20 september 1960
  • voorzitter bijzondere commissie voor de ontwerp-Bestrijdingsmiddelenwet (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1960 tot maart 1962
  • voorzitter bijzondere commissie voor het wetsontwerp wijziging Zuiderzeesteunwet (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1960 tot november 1961

comités van aanbeveling, erefuncties etc.

  • erevoorzitter Vereniging Groninger Christelijke Boeren- en Tuindersbond
  • erevoorzitter CBTB (Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond), vanaf 22 februari 1954

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • Christelijke MULO-school te Zijldijk
  • Christelijke MULO-school te Groningen, van 1918 tot 1919
  • Middelbare Landbouwschool te Groningen, van 1919 tot 1921

cursussen

  • volgde voordrachten van de Vereniging voor hoger landbouwonderwijs Groningen

Activiteiten

als parlementariër

  • Was landbouw-woordvoerder van de ARP-Tweede Kamerfractie. Hield zich verder bezig met volkshuisvesting, sociale zaken en waterstaatszaken.
  • Was in 1957 één van de woordvoerders van zijn fractie bij de behandeling van de ontwerp-Deltawet
  • Een door hem in 1958 ingediend (en aangenomen) amendement op het wetsvoorstel wijziging van de Wet vervreemding landbouwgronden, leidde ertoe dat de werkingsduur van de wet beperkt werd tot 1 januari 1963. Aanneming van dit amendement, dat inging tegen de door de regering voorgestane blijvende prijsbeheersing van landbouwgronden, droeg sterk bij aan toenemende spanning in de coalitie.
  • Interpelleerde op 27 februari 1958 de ministers Suurhoff, Witte en Zijlstra over de stijgende werkloosheid
  • Was in 1960 woordvoerder bij het debat over het wetsvoorstel tot goedkeuring van het Benelux-verdrag
  • Voerde in 1961 het woord bij de behandeling van de ontwerp-Wet op de ruimtelijke ordening

opvallend stemgedrag

  • Behoorde in 1946 tot de minderheid van zijn fractie die vóór een wijziging van de Gemeentewet over een vereenvoudiging van de grenswijzigingsprocedure stemde
  • Behoorde in 1953 tot de minderheid van zijn fractie die vóór het wetsvoorstel regeling toezicht op verkoop landbouwgronden stemde
  • In 1962 stemden hij en Meulink als enigen van hun fractie tegen een motie-Beernink waarin om verhoging van de kiesdrempel werd gevraagd

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Was tijdens de eerste formatiepoging van De Quay in 1959 kandidaat-minister van Landbouw en Visserij, maar trok zich samen met Hazenbosch (ARP-kandidaat voor Sociale Zaken) op het laatste moment terug, omdat in zijn eigen partij onrust was ontstaan over het passeren van lijsttrekker en minister Jelle Zijlstra.
  • Verwierf bij de verkiezingen van 1948 opmerkelijk veel voorkeursstemmen in het hele land
  • Was begin jaren zestig mikpunt van acties van boeren, die ageerden tegen de verplichte bijdrage aan het Landbouwschap. Zijn huis in Helpman moest door een cordon van agenten worden beschermd.
  • Legde na de verkiezingen van 1963 zijn Kamerlidmaatschap neer vanwege zijn werkzaamheden als voorzitter van het Landbouwschap
  • Nam in 1969 op doktersadvies ontslag als gedeputeerde

uit de privésfeer

  • Was in Groningen actief in het verzet
  • Zijn vader was gemeenteraadslid in Bierum
  • Zijn schoonvader was wethouder van Bedum

verkiezingen

  • Was in 1946 al Tweede Kamerkandidaat
  • In 1946 Eerste Kamerkandidaat in Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe

niet-aanvaarde politieke functies

  • lid Eerste Kamer, juli 1948 (wegens verkiezing tot Tweede Kamerlid)

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Gasthuizen, "Voorwerk", omstreeks 1946 tot 1960
  • Groningen, Quintuslaan 20, vanaf 1960
  • Groningen, Goeman Borgesiuslaan 159, omstreeks 1969

ridderorden

  • Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 22 februari 1954
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 29 april 1957

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

Wie is dat? 1956

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Wehe (gem. Leens), 1 augustus 1929

echtgeno(o)t(e)/partner

M.P. Dijksterhuis, Martje Petronella

kinderen

6 zoons en 5 dochters

vader

W. Biewenga, Willem

geboorteplaats en/of -datum

't Zandt (Gr.), 10 december 1861

beroep vader

landbouwer

moeder

C. Oosterhuis, Cornelia

geboorteplaats en/of -datum

Uithuizermeeden, 4 april 1870

beroep grootvader (vaderskant)

landbouwer

beroep grootvader (moederskant)

landbouwer